Encyclopedie
Begrippenlijst

Kenmerken van begeleiding voor de organisatie

Uit Triple A Encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken

Inhoud

Inleiding

Elke instelling heeft een diversiteit aan deelnemers. Elke deelnemerIemand die onderwijs volgt binnen een instelling. Een deelnemer is in bezit van een verbintenis met een instelling voor het afnemen van onderwijsproducten. Een ander woord voor deelnemer is lerende leerling of student. heeft andere behoeftes. Afhankelijk van de manier waarop begeleiden is ingericht, zal een instelling aan deze behoeftes invulling kunnen en willen geven. Er zijn dus grenzen die bepalen of de vraag van de deelnemerIemand die onderwijs volgt binnen een instelling. Een deelnemer is in bezit van een verbintenis met een instelling voor het afnemen van onderwijsproducten. Een ander woord voor deelnemer is lerende leerling of student. past bij het aanbod van de instelling. Een instelling kan daarbij mogelijkerwijs als strategie hanteren alleen deelnemers aan te nemen die binnen de eigen grenzen van begeleiden passen: deze kan zij namelijk bedienen. De instelling kan echter net zo goed een andere strategie hanteren.

Bij begeleiden is de vraag of de behoefte van de deelnemerIemand die onderwijs volgt binnen een instelling. Een deelnemer is in bezit van een verbintenis met een instelling voor het afnemen van onderwijsproducten. Een ander woord voor deelnemer is lerende leerling of student. in principe leidend. Het kan een bruikbaar hulpmiddel zijn om als uitgangspunt een deelnemerIemand die onderwijs volgt binnen een instelling. Een deelnemer is in bezit van een verbintenis met een instelling voor het afnemen van onderwijsproducten. Een ander woord voor deelnemer is lerende leerling of student. met een bepaalde behoefte voor ogen te hebben en vanuit deze deelnemerIemand die onderwijs volgt binnen een instelling. Een deelnemer is in bezit van een verbintenis met een instelling voor het afnemen van onderwijsproducten. Een ander woord voor deelnemer is lerende leerling of student. na te denken over (1) de invulling van begeleidingHet geheel aan (begeleidings)processen waarbij de begeleider op basis van leeractiviteiten gegevens uit de aanwezigheidsregistratie en andere beschikbare gegevens het leerproces van een deelnemer volgt bijstuurt en toekomstgericht advies geeft. en (2) de mate van variatie in de deelnemerbehoefte waarin de instelling kan of wil voorzien. Verschillende deelnemertypes kunnen daarbij de instelling in verschillende mate en op verschillende aspecten van begeleiden uitdagen. Het uitgangspunt bij deze exercitie is dat alleen díe kenmerken van een deelnemerIemand die onderwijs volgt binnen een instelling. Een deelnemer is in bezit van een verbintenis met een instelling voor het afnemen van onderwijsproducten. Een ander woord voor deelnemer is lerende leerling of student. relevant zijn die van invloed zijn op de invulling van de processen.

Kijkend naar de grote verschillen tussen deelnemertyperingen zijn er vier aspecten te onderscheiden waarin deze kunnen verschillen en waarop een instelling keuzes moet maken. Dit zijn:

  1. De mate waarin de leervraagVraag van een deelnemer of opdrachtgever aan een instelling waarin verwoord wordt wat men wil leren. Het formuleren van de leervraag is een activiteit van de begeleider samen met de deelnemer of opdrachtgever waarin de leervraag wordt uitgedrukt in producten uit de onderwijscatalogus (eventueel) aangevuld met additionele wensen en voorwaarden. van de deelnemerIemand die onderwijs volgt binnen een instelling. Een deelnemer is in bezit van een verbintenis met een instelling voor het afnemen van onderwijsproducten. Een ander woord voor deelnemer is lerende leerling of student. duidelijk is.
  2. De mate waarin de deelnemerIemand die onderwijs volgt binnen een instelling. Een deelnemer is in bezit van een verbintenis met een instelling voor het afnemen van onderwijsproducten. Een ander woord voor deelnemer is lerende leerling of student. kan kiezen uit het aanbod.
  3. De mate waarin de vorm van het aanbod aan de deelnemerIemand die onderwijs volgt binnen een instelling. Een deelnemer is in bezit van een verbintenis met een instelling voor het afnemen van onderwijsproducten. Een ander woord voor deelnemer is lerende leerling of student. wordt aangepast.
  4. De mate waarin de instelling voorziet in aanvullende behoeftes.

Hierna wordt elk van deze vier aspecten nader toegelicht. Daarbij wordt elk aspect neergezet als een as met twee uitersten. Hierop kan een instelling een bepaalde positie innemen. Om als denkkader te kunnen fungeren is een redelijk zwart-wit benadering aangehouden. In de praktijk zal de situatie niet zo zwart-wit zijn als hier geschetst. De assen staan in willekeurige volgorde. Uitgangspunt is dat elke as als een los vraagstuk kan worden bekeken en een positie kan worden gekozen, onafhankelijk van een keuze die men maakt op de andere assen.

Duidelijkheid leervraagVraag van een deelnemer of opdrachtgever aan een instelling waarin verwoord wordt wat men wil leren. Het formuleren van de leervraag is een activiteit van de begeleider samen met de deelnemer of opdrachtgever waarin de leervraag wordt uitgedrukt in producten uit de onderwijscatalogus (eventueel) aangevuld met additionele wensen en voorwaarden.

Een kenmerk van de deelnemerIemand die onderwijs volgt binnen een instelling. Een deelnemer is in bezit van een verbintenis met een instelling voor het afnemen van onderwijsproducten. Een ander woord voor deelnemer is lerende leerling of student. is de mate waarin deze zijn leervraagVraag van een deelnemer of opdrachtgever aan een instelling waarin verwoord wordt wat men wil leren. Het formuleren van de leervraag is een activiteit van de begeleider samen met de deelnemer of opdrachtgever waarin de leervraag wordt uitgedrukt in producten uit de onderwijscatalogus (eventueel) aangevuld met additionele wensen en voorwaarden. duidelijk heeft en daarmee samenhangend in welke mate de instelling de deelnemerIemand die onderwijs volgt binnen een instelling. Een deelnemer is in bezit van een verbintenis met een instelling voor het afnemen van onderwijsproducten. Een ander woord voor deelnemer is lerende leerling of student. daarmee kan en wil helpen. Bij een onduidelijke leervraagVraag van een deelnemer of opdrachtgever aan een instelling waarin verwoord wordt wat men wil leren. Het formuleren van de leervraag is een activiteit van de begeleider samen met de deelnemer of opdrachtgever waarin de leervraag wordt uitgedrukt in producten uit de onderwijscatalogus (eventueel) aangevuld met additionele wensen en voorwaarden. is vooraf nog niet duidelijk naar welke eindkwalificiatie de deelnemerIemand die onderwijs volgt binnen een instelling. Een deelnemer is in bezit van een verbintenis met een instelling voor het afnemen van onderwijsproducten. Een ander woord voor deelnemer is lerende leerling of student. toe wil werken. Onafhankelijk van de posities op de as moet het uiteindelijk allemaal leiden naar een leervraagVraag van een deelnemer of opdrachtgever aan een instelling waarin verwoord wordt wat men wil leren. Het formuleren van de leervraag is een activiteit van de begeleider samen met de deelnemer of opdrachtgever waarin de leervraag wordt uitgedrukt in producten uit de onderwijscatalogus (eventueel) aangevuld met additionele wensen en voorwaarden. waarvoor de instelling een eindkwalificatie kan bieden. Zonder dat de instelling daarvoor nieuw aanbod zou moeten maken om aan deze leervraagVraag van een deelnemer of opdrachtgever aan een instelling waarin verwoord wordt wat men wil leren. Het formuleren van de leervraag is een activiteit van de begeleider samen met de deelnemer of opdrachtgever waarin de leervraag wordt uitgedrukt in producten uit de onderwijscatalogus (eventueel) aangevuld met additionele wensen en voorwaarden. te voldoen – het moet passen binnen het al bestaande aanbod van een instelling.Op deze as zijn drie posities gedefinieerd:

Duidelijke leervraagVraag van een deelnemer of opdrachtgever aan een instelling waarin verwoord wordt wat men wil leren. Het formuleren van de leervraag is een activiteit van de begeleider samen met de deelnemer of opdrachtgever waarin de leervraag wordt uitgedrukt in producten uit de onderwijscatalogus (eventueel) aangevuld met additionele wensen en voorwaarden. verplicht (links) De instelling vereist bij aanvang van de opleiding een duidelijke leervraagVraag van een deelnemer of opdrachtgever aan een instelling waarin verwoord wordt wat men wil leren. Het formuleren van de leervraag is een activiteit van de begeleider samen met de deelnemer of opdrachtgever waarin de leervraag wordt uitgedrukt in producten uit de onderwijscatalogus (eventueel) aangevuld met additionele wensen en voorwaarden.: de deelnemerIemand die onderwijs volgt binnen een instelling. Een deelnemer is in bezit van een verbintenis met een instelling voor het afnemen van onderwijsproducten. Een ander woord voor deelnemer is lerende leerling of student. moet precies weten welk vak hij wil doen en wat de mogelijkheden van het aanbod zijn. De te behalen eindkwalificatie is vanaf start bekend en kan niet meer veranderen.

Alleen richting verplicht (midden) De instelling vereist dat de deelnemerIemand die onderwijs volgt binnen een instelling. Een deelnemer is in bezit van een verbintenis met een instelling voor het afnemen van onderwijsproducten. Een ander woord voor deelnemer is lerende leerling of student. een richting weet, de specialisatie mag op een later moment helder worden, maar moet wel in de gekozen richting liggen.

Leervraag is nog volledig open (rechts) De deelnemerIemand die onderwijs volgt binnen een instelling. Een deelnemer is in bezit van een verbintenis met een instelling voor het afnemen van onderwijsproducten. Een ander woord voor deelnemer is lerende leerling of student. heeft nog geen idee wat hij wil doen, of is daar in ieder geval nog niet zeker van. De instelling helpt de deelnemerIemand die onderwijs volgt binnen een instelling. Een deelnemer is in bezit van een verbintenis met een instelling voor het afnemen van onderwijsproducten. Een ander woord voor deelnemer is lerende leerling of student. bij het helder krijgen van de leervraagVraag van een deelnemer of opdrachtgever aan een instelling waarin verwoord wordt wat men wil leren. Het formuleren van de leervraag is een activiteit van de begeleider samen met de deelnemer of opdrachtgever waarin de leervraag wordt uitgedrukt in producten uit de onderwijscatalogus (eventueel) aangevuld met additionele wensen en voorwaarden., ook al kan uiteindelijk blijken dat de instelling niet voor de gewenste eindkwalificatie kan opleiden.

Begeleiding assen1.png

Inhoud van het aanbod

Een ander kenmerk van een deelnemerIemand die onderwijs volgt binnen een instelling. Een deelnemer is in bezit van een verbintenis met een instelling voor het afnemen van onderwijsproducten. Een ander woord voor deelnemer is lerende leerling of student. kan zijn hoeveel keuzevrijheid hij wil hebben in de invulling van de opleiding. Dit vertaalt zich naar het aspect ‘keuze in inhoud van het aanbod’ van begeleiden. De vraag is dan welke vrijheid de deelnemerIemand die onderwijs volgt binnen een instelling. Een deelnemer is in bezit van een verbintenis met een instelling voor het afnemen van onderwijsproducten. Een ander woord voor deelnemer is lerende leerling of student. in zijn keuze voor vakken heeft. Net als bij leervraagVraag van een deelnemer of opdrachtgever aan een instelling waarin verwoord wordt wat men wil leren. Het formuleren van de leervraag is een activiteit van de begeleider samen met de deelnemer of opdrachtgever waarin de leervraag wordt uitgedrukt in producten uit de onderwijscatalogus (eventueel) aangevuld met additionele wensen en voorwaarden. is hier ook het uitgangspunt dat altijd naar een eindkwalificatie wordt toegewerkt. Instellingen kunnen daarbinnen echter eventueel nog ruimte voor eigen invulling voor deelnemers geven (dus kiezen voor vakken die niet bij de gekozen eindkwalificatie horen). Een optie waarin een instelling zoveel maximale vrijheid kan bieden dat dit niet hoeft te leiden tot eindkwalificatie nemen we hier dus niet in mee. De punten op deze as zijn:

Vast programma (links) De instelling biedt geen keuze in de inhoud van het aanbod. Alles ligt vast en is voor iedere deelnemerIemand die onderwijs volgt binnen een instelling. Een deelnemer is in bezit van een verbintenis met een instelling voor het afnemen van onderwijsproducten. Een ander woord voor deelnemer is lerende leerling of student. voor een eindkwalificatie hetzelfde. In deze positie worden ook geen onderdelen overgeslagen waarvoor de deelnemerIemand die onderwijs volgt binnen een instelling. Een deelnemer is in bezit van een verbintenis met een instelling voor het afnemen van onderwijsproducten. Een ander woord voor deelnemer is lerende leerling of student. zich al heeft bewezen.

Verplichte opties (midden) De instelling biedt de deelnemerIemand die onderwijs volgt binnen een instelling. Een deelnemer is in bezit van een verbintenis met een instelling voor het afnemen van onderwijsproducten. Een ander woord voor deelnemer is lerende leerling of student. een beperkte keuze. Deze keuze bestaat uit voorgedefinieerde opties die bovendien verplicht zijn: ze zijn direct nodig voor het behalen van de eindkwalificatie.

Vrije keuze (rechts) De instelling biedt de deelnemerIemand die onderwijs volgt binnen een instelling. Een deelnemer is in bezit van een verbintenis met een instelling voor het afnemen van onderwijsproducten. Een ander woord voor deelnemer is lerende leerling of student. beperkte keuze. Deze keuze bestaat uit vrije opties, die niet een relatie met de gekozen richting hoeven te hebben. De deelnemerIemand die onderwijs volgt binnen een instelling. Een deelnemer is in bezit van een verbintenis met een instelling voor het afnemen van onderwijsproducten. Een ander woord voor deelnemer is lerende leerling of student. kan meer of minder aanbod kiezen dan strikt nodig. De deelnemerIemand die onderwijs volgt binnen een instelling. Een deelnemer is in bezit van een verbintenis met een instelling voor het afnemen van onderwijsproducten. Een ander woord voor deelnemer is lerende leerling of student. kan deze wens bijvoorbeeld hebben in het kader van interesse voor beroepsverbreding.

Begeleiding assen2.png

Vorm van het aanbod

Een kenmerk van de deelnemerIemand die onderwijs volgt binnen een instelling. Een deelnemer is in bezit van een verbintenis met een instelling voor het afnemen van onderwijsproducten. Een ander woord voor deelnemer is lerende leerling of student. is dat hij op een bepaalde manier het beste kan leren. Dit vertaalt zich naar het aspect ‘vorm van het aanbod’ van begeleiden. De vraag is dan in hoeverre er tegemoet kan worden gekomen aan de verschillende behoeftes van deelnemers in de manier van leren. Een instelling moet er in dat geval op ingericht zijn om deze behoeftes te kunnen vertalen naar toegespitst aanbod en een bijhorende beoordelingssystematiekEen systematiek die behulpzaam is bij het bepalen, waarderen en vastleggen van formatieve of summatieve beoordelingen. Een beoordelingssystematiek kan gebaseerd zijn op kwalificatiedossiers, op geroosterde leertrajecten, eventueel in combinatie met toenemende complexiteit en/of toenemende zelfstandigheid.. De punten op deze as zijn:

Vaste enkelvoudige vorm (links) De instelling biedt één vorm aan en past deze niet aan op individuele (of groeps-) behoefte.

Reeks vaste arrangementen (midden) De instelling heeft aanbod in verschillende vormen. De verschillende vormen zijn beperkt en zijn voorgeprogrammeerd als aparte programma’s en vormen zo één geheel (soort leerlijn). De vorm kan eventueel per vak worden gekozen. De insteek is meer: kies wat je het beste lijkt. Wij kunnen je daarbij helpen.

Gericht op individu (rechts) De instelling stelt per individu de specifieke gewenste vorm van aanbod vast. Daarbij wordt ook gekeken naar de nuances. Dit kan betekenen dat nieuw leermateriaalMateriaal dat wordt gebruikt in het onderwijs en/of het leerproces. Dit kan digitaal of folio materiaal zijn, zoals boeken, digitale documenten, filmpjes of apps, maar ook veiligheidsschoenen, een rekenmachine, een koksmuts of gereedschap. moet worden aangeschaft en dat hier bij de beoordelingssystematiekEen systematiek die behulpzaam is bij het bepalen, waarderen en vastleggen van formatieve of summatieve beoordelingen. Een beoordelingssystematiek kan gebaseerd zijn op kwalificatiedossiers, op geroosterde leertrajecten, eventueel in combinatie met toenemende complexiteit en/of toenemende zelfstandigheid. nauwkeurig op gelet wordt. Voor de deelnemerIemand die onderwijs volgt binnen een instelling. Een deelnemer is in bezit van een verbintenis met een instelling voor het afnemen van onderwijsproducten. Een ander woord voor deelnemer is lerende leerling of student. wordt een totaalpakket samengesteld. De insteek is meer: we gaan onderzoeken wat voor jou in elke situatie het beste werkt.

Begeleiding assen3.png

Aanvullende behoeftes

Een kenmerk van een deelnemerIemand die onderwijs volgt binnen een instelling. Een deelnemer is in bezit van een verbintenis met een instelling voor het afnemen van onderwijsproducten. Een ander woord voor deelnemer is lerende leerling of student. is dat hij een specifieke aanvullende behoefte kan hebben, die niet te maken heeft met de inhoud van de opleiding, maar met de begeleidingHet geheel aan (begeleidings)processen waarbij de begeleider op basis van leeractiviteiten gegevens uit de aanwezigheidsregistratie en andere beschikbare gegevens het leerproces van een deelnemer volgt bijstuurt en toekomstgericht advies geeft. en organisatie daaromheen. Het gaat dan om factoren die het halen van het einddoel in gevaar kunnen brengen. Een voorbeeld hiervan is een deelnemerIemand die onderwijs volgt binnen een instelling. Een deelnemer is in bezit van een verbintenis met een instelling voor het afnemen van onderwijsproducten. Een ander woord voor deelnemer is lerende leerling of student. die zo onzeker is dat hij daardoor niet optimaal functioneert op de opleiding, en dreigt buiten boord te vallen.

Dit vertaalt zich naar het aspect ‘aanvullende behoeftes’ van begeleidingHet geheel aan (begeleidings)processen waarbij de begeleider op basis van leeractiviteiten gegevens uit de aanwezigheidsregistratie en andere beschikbare gegevens het leerproces van een deelnemer volgt bijstuurt en toekomstgericht advies geeft.. De vraag is daarbij in hoeverre er aandacht wordt besteed aan aanvullende behoeftes (in brede zin) naast het daadwerkelijke lesgeven, en in welke mate de begeleidingHet geheel aan (begeleidings)processen waarbij de begeleider op basis van leeractiviteiten gegevens uit de aanwezigheidsregistratie en andere beschikbare gegevens het leerproces van een deelnemer volgt bijstuurt en toekomstgericht advies geeft. vanuit de instelling daar een rol in wil en kan spelen.

Een aanvullende behoefte hoeft zeker niet perse te onstaan vanuit een beperking of negatieve situatie. Zorgaspecten zijn wel een belangrijk component van de aanvullende behoefte, maar het moet dus breder gezien worden. Denk bijvoorbeeld aan een begaafde deelnemerIemand die onderwijs volgt binnen een instelling. Een deelnemer is in bezit van een verbintenis met een instelling voor het afnemen van onderwijsproducten. Een ander woord voor deelnemer is lerende leerling of student.. De aanvullende behoefte kan:

  • In oorsprong fysieke of mentaal zijn.
  • Van tijdelijke of kortdurende aard zijn.
  • Een voorspelbaar of onvoorspelbaar verloop hebben.
  • Vooraf bekend of pas tijdens de opleiding ontstaan.

Op deze as zijn de volgende posities gedefinieerd:

Alleen wettelijk verplicht (links) De instelling wil geen aandacht aan aanvullende behoeftes geven, maar ziet zich wettelijk genoodzaakt om daar enigzins aandacht aan te geven. Men biedt dan ook alleen aan wat men wettelijk verplicht is. Bij voorkeur moet de deelnemerIemand die onderwijs volgt binnen een instelling. Een deelnemer is in bezit van een verbintenis met een instelling voor het afnemen van onderwijsproducten. Een ander woord voor deelnemer is lerende leerling of student. zelf ook voor dit recht opkomen en wordt hem dat niet aangedragen.

Specialisatie (midden) Elke instelling moet zich aan de wettelijke verplichtingen houden. Deze instelling specialiseert zich aanvullende echter nog op een aantal aanvullende behoeftes. Aan aanvullende behoeftes buiten deze specialisatie wordt geen aandacht besteed.

Brede ondiepe invulling (rechts) Elke instelling moet zich aan de wettelijke verplichtingen houden. Deze instelling probeert aanvullende daarop aan alle behoeftes invulling te geven. Dat is met oog op de beschikbare middelen echter wel beperkt tot een minimale inspanning met het grootste effect, voldoende om de scherpe kantjes er af te halen en om erger proberen te voorkomen. Mocht er toch meer nodig zijn dan kan deze deelnemerIemand die onderwijs volgt binnen een instelling. Een deelnemer is in bezit van een verbintenis met een instelling voor het afnemen van onderwijsproducten. Een ander woord voor deelnemer is lerende leerling of student. op dat vlak niet wordt geholpen.

Begeleiding assen4.png

Strategie & cultuur

Uitgangspunt van de Triple A gedachte is dat er maatwerk voor elke deelnemerIemand die onderwijs volgt binnen een instelling. Een deelnemer is in bezit van een verbintenis met een instelling voor het afnemen van onderwijsproducten. Een ander woord voor deelnemer is lerende leerling of student. mogelijk is (hoeft echter niet altijd nodig te zijn). Dit vraagt veel van een instelling en in de praktijk blijkt dit niet of moeilijk haalbaar. Dat betekent dus dat de instelling grenzen moet gaan vaststellen ten aanzien van de mate waarin maatwerk geboden wordt. Het gaat dan om de match tussen vraag en aanbod. Centrale vraag hierbij is dan: in hoeverre kunnen en willen we als instelling tegemoet komen aan de variatie aan behoeftes van deelnemers, kijkend naar de variaties op de vier assen. Het gaat dan niet alleen om de grenzen (wanneer wel/niet), maar vervolgens ook over de vraag wat de inrichting van begeleiden binnen de grenzen van flexibiliteit is. Dat wat je aanbiedt, moet je vervolgens namelijk ook waarmaken.

Om hierover in samenhang keuzes te maken, helpt een duidelijke strategie. Deze is het kompas bij het maken van keuzes over de invulling van begeleidingHet geheel aan (begeleidings)processen waarbij de begeleider op basis van leeractiviteiten gegevens uit de aanwezigheidsregistratie en andere beschikbare gegevens het leerproces van een deelnemer volgt bijstuurt en toekomstgericht advies geeft.. Laten we als voorbeeld twee (fictieve) situaties nemen waarbij een instelling op alle assen de meest linkse positie of juist de meest rechts positie inneemt. Wat is dan de impact op de organisatie/inrichting van de begeleidingsprocessen? En wat zou daar dan de bijhorende cultuur van die organisatie zijn? Hierna volgt een mogelijke invulling van de strategie en cultuur van beide organisaties. Deze invulling is puur illustratief om een beeld te schetsen van de aspecten die hier een rol kunnen spelen. Het is een gedachte experiment.

Strategie van organisatie 1:

Deze organisatie neemt op alle assen de meest linker positie in en heeft als uitgangspunten:

  • Duidelijkheid leervraagVraag van een deelnemer of opdrachtgever aan een instelling waarin verwoord wordt wat men wil leren. Het formuleren van de leervraag is een activiteit van de begeleider samen met de deelnemer of opdrachtgever waarin de leervraag wordt uitgedrukt in producten uit de onderwijscatalogus (eventueel) aangevuld met additionele wensen en voorwaarden. – We vereisen bij aanvang van de opleiding een duidelijke leervraagVraag van een deelnemer of opdrachtgever aan een instelling waarin verwoord wordt wat men wil leren. Het formuleren van de leervraag is een activiteit van de begeleider samen met de deelnemer of opdrachtgever waarin de leervraag wordt uitgedrukt in producten uit de onderwijscatalogus (eventueel) aangevuld met additionele wensen en voorwaarden.: de deelnemerIemand die onderwijs volgt binnen een instelling. Een deelnemer is in bezit van een verbintenis met een instelling voor het afnemen van onderwijsproducten. Een ander woord voor deelnemer is lerende leerling of student. moet precies weten welk vak hij wil doen en wat de mogelijkheden van het aanbod zijn.
  • Variatie in inhoud – We bieden geen keuze in de vakken aan, het programma ligt van te voren geheel vast.
  • Variatie in vorm – We passen de vorm van het materiaal niet aan op de behoefte. Het aanbod dat we hebben is waarvan wij denken dat het goed is.
  • Aanvullende behoeftes – We letten alleen op die punten waar we wettelijk toe verplicht zijn. De deelnemerIemand die onderwijs volgt binnen een instelling. Een deelnemer is in bezit van een verbintenis met een instelling voor het afnemen van onderwijsproducten. Een ander woord voor deelnemer is lerende leerling of student. moet dit recht zelf opeisen.

Een instelling die deze grenzen hanteert, vereist dat een deelnemerIemand die onderwijs volgt binnen een instelling. Een deelnemer is in bezit van een verbintenis met een instelling voor het afnemen van onderwijsproducten. Een ander woord voor deelnemer is lerende leerling of student. goed weet wat deze wil en zich kan vinden in hetgeen de instelling hem aanbiedt. In de strategie richt de instelling zich vooral op het zo efficient mogelijk inrichten van dit vaste aanbod dat in een vaste vorm wordt aangeboden. Het programma moet tot in de puntjes worden verzorgd en van hoge kwaliteit zijn. Ten aanzien van de aanvullende behoefte hanteert de instelling een streng beleid waarin aantoonbaar moet worden gemaakt als een deelnemerIemand die onderwijs volgt binnen een instelling. Een deelnemer is in bezit van een verbintenis met een instelling voor het afnemen van onderwijsproducten. Een ander woord voor deelnemer is lerende leerling of student. ergens recht op heeft. De strategie daarbij is dat de deelnemerIemand die onderwijs volgt binnen een instelling. Een deelnemer is in bezit van een verbintenis met een instelling voor het afnemen van onderwijsproducten. Een ander woord voor deelnemer is lerende leerling of student. dit recht moet aantonen en dat er formele procedures zijn voor besluitvorming. Het is wel zo dat, zeker in standaard gevallen, de oplossing ook weer tot in de puntjes is geregeld. Echter niet meer dan wat strikt gezien noodzakelijk is. Deze oplossing wordt voor andere deelnemers in een soortgelijke situatie hergebruikt. Het wordt dus onderdeel van het vaste aanbod, waar alleen op uitzondering toegang toe is. Het streven is om de noodzaak voor aanvullende behoefte te beperken en hier zelfs bij de intakeOnderdeel van het proces van inschrijven met als doel te bepalen of de instelling passend onderwijs kan bieden. Dit kan inhouden dat het nodig is de leervraag van de potentiële deelnemer nader te specificeren of een assessment te doen. Dit proces gaat vooraf aan het daadwerkelijk sluiten van de verbintenis. al streng op te selecteren. Het intakeproces is ook van groot belang omdat er weinig flexibiliteit is. De instelling hanteert als strategie een sterk selectief intakeproces, omdat de ‘verkeerde’ deelnemerIemand die onderwijs volgt binnen een instelling. Een deelnemer is in bezit van een verbintenis met een instelling voor het afnemen van onderwijsproducten. Een ander woord voor deelnemer is lerende leerling of student. een probleem is en door de inflexibiliteit een groot risico vormt voor uitvalHet voortijdig verlaten van een opleiding.. De instelling wil dus deelnemers aantrekken die passen bij de keuzes die zijn gemaakt op de vier assen. De instelling heeft dan ook een duidelijk profiel van het type deelnemerIemand die onderwijs volgt binnen een instelling. Een deelnemer is in bezit van een verbintenis met een instelling voor het afnemen van onderwijsproducten. Een ander woord voor deelnemer is lerende leerling of student. en van hun gemiddelde behoefte. Marktonderzoek en goede contacten met het veld zijn van belang om dit goed in te kunnen vullen en om de benodigde kwaliteit te kunnen leveren. Een kracht is dat de instelling zeer duidelijk kan aangeven voor welke deelnemers een opleiding geschikt is.

In de processen omtrent begeleidingHet geheel aan (begeleidings)processen waarbij de begeleider op basis van leeractiviteiten gegevens uit de aanwezigheidsregistratie en andere beschikbare gegevens het leerproces van een deelnemer volgt bijstuurt en toekomstgericht advies geeft. zie je deze keuze dan ook duidelijk terug. Bij de intakeOnderdeel van het proces van inschrijven met als doel te bepalen of de instelling passend onderwijs kan bieden. Dit kan inhouden dat het nodig is de leervraag van de potentiële deelnemer nader te specificeren of een assessment te doen. Dit proces gaat vooraf aan het daadwerkelijk sluiten van de verbintenis. met een potentiele deelnemerIemand die onderwijs volgt binnen een instelling. Een deelnemer is in bezit van een verbintenis met een instelling voor het afnemen van onderwijsproducten. Een ander woord voor deelnemer is lerende leerling of student. moet onderzocht worden of de deelnemerIemand die onderwijs volgt binnen een instelling. Een deelnemer is in bezit van een verbintenis met een instelling voor het afnemen van onderwijsproducten. Een ander woord voor deelnemer is lerende leerling of student. ook echt past bij de instelling of opleiding. In het verdere traject is het noodzakelijk om te blijven monitoren en er zeker van te zijn dat de match goed gemaakt is. De strategie daarbij is het bieden van goed aanbod, een heldere beoordelingssystematiekEen systematiek die behulpzaam is bij het bepalen, waarderen en vastleggen van formatieve of summatieve beoordelingen. Een beoordelingssystematiek kan gebaseerd zijn op kwalificatiedossiers, op geroosterde leertrajecten, eventueel in combinatie met toenemende complexiteit en/of toenemende zelfstandigheid. waarin de prestaties van deelnemers vergeleken worden. Dit is ook meteen voor de instelling een indicator voor de kwaliteit van het aanbod. Als er problemen zijn moet de deelnemerIemand die onderwijs volgt binnen een instelling. Een deelnemer is in bezit van een verbintenis met een instelling voor het afnemen van onderwijsproducten. Een ander woord voor deelnemer is lerende leerling of student. zich aanpassen: aan de kwaliteit van de instelling mag het niet liggen.

Cultuur Deze instelling heeft een cultuur die gericht is op duidelijkheid, efficieny en kwaliteit. Doordat het aanbod, vorm en aanvullende behoefte van te voren duidelijk is voor iedereen kan hier ook efficient op gehandeld worden. De focus ligt minder op de begeleidingHet geheel aan (begeleidings)processen waarbij de begeleider op basis van leeractiviteiten gegevens uit de aanwezigheidsregistratie en andere beschikbare gegevens het leerproces van een deelnemer volgt bijstuurt en toekomstgericht advies geeft. van de deelnemerIemand die onderwijs volgt binnen een instelling. Een deelnemer is in bezit van een verbintenis met een instelling voor het afnemen van onderwijsproducten. Een ander woord voor deelnemer is lerende leerling of student. zelf en van de deelnemerIemand die onderwijs volgt binnen een instelling. Een deelnemer is in bezit van een verbintenis met een instelling voor het afnemen van onderwijsproducten. Een ander woord voor deelnemer is lerende leerling of student. wordt dan ook een hoge mate van zelfstandigheid en eigen verantwoordelijkheid verwacht. De cultuur is vrij hierarchisch en meer klant-afnemer dan coachBegeleider die leeractiviteiten begeleidt.-lerende.

Strategie van organisatie 2

Deze organisatie neemt op alle assen de meest rechter positie in en heeft als uitgangspunten:

  • Regel in ongenummerde lijst
  • Duidelijkheid leervraagVraag van een deelnemer of opdrachtgever aan een instelling waarin verwoord wordt wat men wil leren. Het formuleren van de leervraag is een activiteit van de begeleider samen met de deelnemer of opdrachtgever waarin de leervraag wordt uitgedrukt in producten uit de onderwijscatalogus (eventueel) aangevuld met additionele wensen en voorwaarden. – We vereisen niet een heldere leervraagVraag van een deelnemer of opdrachtgever aan een instelling waarin verwoord wordt wat men wil leren. Het formuleren van de leervraag is een activiteit van de begeleider samen met de deelnemer of opdrachtgever waarin de leervraag wordt uitgedrukt in producten uit de onderwijscatalogus (eventueel) aangevuld met additionele wensen en voorwaarden. bij aanvang, we willen een deelnemerIemand die onderwijs volgt binnen een instelling. Een deelnemer is in bezit van een verbintenis met een instelling voor het afnemen van onderwijsproducten. Een ander woord voor deelnemer is lerende leerling of student. helpen deze goed te formuleren.
  • Variatie in inhoud – We bieden een ruime, maar vaste keuze aan in het aanbod. Een deelnemerIemand die onderwijs volgt binnen een instelling. Een deelnemer is in bezit van een verbintenis met een instelling voor het afnemen van onderwijsproducten. Een ander woord voor deelnemer is lerende leerling of student. kan kiezen voor aanbod dat niet verplicht is voor het behalen van bij een eindkwalificatie.
  • Variatie in vorm – We bieden per onderwijsproductEen onderwijsproduct is een product (zoals een les een cursus module of andere onderwijseenheid) dat zodanig van metadata is voorzien dat het geschikt is om te roosteren. Een onderwijsproduct is enkelvoudig dan wel samengesteld. Enkelvoudig betekent dat er sprake is van één uniek product dat niet verder onderverdeeld is in andere onderwijseenheden (een les Engels van één uur kan een enkelvoudig product zijn). De onderwijscatalogus kan ook samengestelde onderwijsproducten bevatten. Een samengesteld onderwijsproduct bevat informatie over de afzonderlijke (enkelvoudige) onderwijsproducten (die deel uit maken van de samenstelling) én informatie over de samenstelling zelf (bijv. de volgorde). Deze informatie vormt samen de paklijst van het samengestelde onderwijsproduct. De paklijst is dus de informatiedrager van de samenstelling. Een voorbeeld van een samengesteld onderwijsproduct is een 2 daagse cursus Engels voor beginners met een theorie- en een praktijkdag. De theoriedag is een enkelvoudig onderwijsproduct net zoals de praktijkdag. De paklijst geeft aan dat de theoriedag voor de praktijkdag moet worden ingepland. het aanbod aan in de vorm die bij de individuele deelnemerIemand die onderwijs volgt binnen een instelling. Een deelnemer is in bezit van een verbintenis met een instelling voor het afnemen van onderwijsproducten. Een ander woord voor deelnemer is lerende leerling of student. past.
  • Aanvullende behoeftes – We proberen aan iedere aanvullende behoefte invulling te geven, met minimale inspanning het grootste effect behalen.

Een instelling die deze grenzen hanteert, heeft als strategie een individuele aanpak, waarbij de instelling wendbaar is. Dit stelt de instelling in staat om snel op veranderingen in te spelen. Om deze flexibiliteit mogelijk te maken wordt veel samengewerkt met andere instellingen. Het beperken van uitvalHet voortijdig verlaten van een opleiding. van deelnemers is de kracht van deze instelling. De strategie is om zo goed mogelijk beeld van de deelnemerIemand die onderwijs volgt binnen een instelling. Een deelnemer is in bezit van een verbintenis met een instelling voor het afnemen van onderwijsproducten. Een ander woord voor deelnemer is lerende leerling of student. te krijgen en daar met zo min mogelijk middelen het begeleiden op in te richten. De focus ligt in sterke mate op de kwaliteit van het begeleidingsaspect en in mindere mate op het aanbod.

In de processen wordt de intakeOnderdeel van het proces van inschrijven met als doel te bepalen of de instelling passend onderwijs kan bieden. Dit kan inhouden dat het nodig is de leervraag van de potentiële deelnemer nader te specificeren of een assessment te doen. Dit proces gaat vooraf aan het daadwerkelijk sluiten van de verbintenis. vooral gebruikt om een goed beeld van de deelnemerIemand die onderwijs volgt binnen een instelling. Een deelnemer is in bezit van een verbintenis met een instelling voor het afnemen van onderwijsproducten. Een ander woord voor deelnemer is lerende leerling of student. te krijgen en is voornamelijk de eerste stap in begeleiden. Er is in dat opzicht dan ook geen duidelijke overgang tussen de onderwijsintakeHet proces na aanmelding dat kan leiden tot inschrijving voor een opleiding in overeenstemming met mogelijkheden van de deelnemer en met zijn instemming en (eventueel) de instemming van zijn wettelijke vertegenwoordiger. De onderwijsintake onderscheidt zich van de (administratieve) intake door met name te kijken naar de specifieke mogelijkheden en beperkingen van de deelnemer en het onderwijs dat daar het beste bij past. en begeleidingHet geheel aan (begeleidings)processen waarbij de begeleider op basis van leeractiviteiten gegevens uit de aanwezigheidsregistratie en andere beschikbare gegevens het leerproces van een deelnemer volgt bijstuurt en toekomstgericht advies geeft.. Ook de grens tussen monitoren en lesgeven vervaagt, omdat continue aandacht voor de deelnemerIemand die onderwijs volgt binnen een instelling. Een deelnemer is in bezit van een verbintenis met een instelling voor het afnemen van onderwijsproducten. Een ander woord voor deelnemer is lerende leerling of student. is. Er wordt meer vanuit een individueel plan gewerkt dan vanuit een vast programma wat wel goede onderlinge afstemming en organisatie vereist. Daarbij worden slimme oplossingen zoals groeperen gezocht. In aanbod kan daarnaast bijvoorbeeld met team opdrachten gewerkt worden waarin verschillende deelnemers een ander aspect op zich nemen.

Ten aanzien van de leervraagVraag van een deelnemer of opdrachtgever aan een instelling waarin verwoord wordt wat men wil leren. Het formuleren van de leervraag is een activiteit van de begeleider samen met de deelnemer of opdrachtgever waarin de leervraag wordt uitgedrukt in producten uit de onderwijscatalogus (eventueel) aangevuld met additionele wensen en voorwaarden. bestaat het risico dat de deelnemerIemand die onderwijs volgt binnen een instelling. Een deelnemer is in bezit van een verbintenis met een instelling voor het afnemen van onderwijsproducten. Een ander woord voor deelnemer is lerende leerling of student. uiteindelijk op een leervraagVraag van een deelnemer of opdrachtgever aan een instelling waarin verwoord wordt wat men wil leren. Het formuleren van de leervraag is een activiteit van de begeleider samen met de deelnemer of opdrachtgever waarin de leervraag wordt uitgedrukt in producten uit de onderwijscatalogus (eventueel) aangevuld met additionele wensen en voorwaarden. uitkomt waar de instelling niet in kan voorzien. Uitval is dus mogelijk. Dat geldt ook voor de aanvullende behoefte: de instelling wil zoveel mogelijk in elke aanvullende behoefte voorzien, maar is echter geen specialist. De instelling kan er echter wel voor kiezen om dit binnen samenwerkingsverbanden aan te bieden. In dat opzicht is de grens in een situatie redelijk snel bereikt. De strategie daarbij is om oplettend te zijn en om met minimale inspanning maximaal effect te kunnen behalen. Dat betekent dat ‘er snel bij zijn voordat de situatie erger wordt’ belangrijk is. Aan het ontdekken van potentiele problemen wordt dan ook veel aandacht besteed. De instelling kan als strategie hanteren om bij veel vraag om een bepaalde aanvullende behoefte deze meer gespecialiseerd aan te bieden. Dit is voornamelijk een schaalbaarheids vraagstuk. Dat geldt ook voor de vorm van het aanbod. Ook daar zal de instelling voor elke situatie moeten beoordelen of de eerder gekozen oplossing schaalbaar moet zijn of echt voor een enkeling van toepassing. Slim kunnen organiseren is een kracht en noodzaak bij deze strategie.

Cultuur Er heerst een open cultuur waarbij medewerkers toegankelijk zijn voor de deelnemers. De focus ligt op de behoeften (didactisch en psychisch) van het individu. Men is flexibel en creatief in oplossingen. Er is ook een streven naar optimalisatie in die zin dat men leert van ervaringen en deze ervaringen omzet in kennis en procedures. Een brede ontwikkeling en interesse wordt als belangrijk gezien. Besluiten worden in overleg met de deelnemerIemand die onderwijs volgt binnen een instelling. Een deelnemer is in bezit van een verbintenis met een instelling voor het afnemen van onderwijsproducten. Een ander woord voor deelnemer is lerende leerling of student. genomen. Zowel de deelnemerIemand die onderwijs volgt binnen een instelling. Een deelnemer is in bezit van een verbintenis met een instelling voor het afnemen van onderwijsproducten. Een ander woord voor deelnemer is lerende leerling of student. als de instelling is initiatiefrijk. Al met al is er geen duidelijk hierarchische cultuur, en wordt , meer uitgegaan van een coachBegeleider die leeractiviteiten begeleidt.-lerende relatie dan die van klant-afnemer.

Structuur

In dit gedeelte kijken we naar de mogelijke invloed van de structuur van de instelling ten aanzien van de invulling van het primaire proces. Ter illustratie hanteren we daarbij drie soorten structuren.

Structuur 1: Grote instelling, alles centraal georganiseerd. Hier zijn bijvoorbeeld ook partnerships te vinden. Structuur 2: Gecoördineerd decentraal (team 80%, instelling 20%). Grote instelling, zonder partnerships. Structuur 3: Volledig decentraal, alles in kleine teams.

Vanuit de grensbenadering, ligt alles wat binnen deze structuur wordt georganiseerd binnen de grens: de instelling doet er namelijk nog iets mee. Pas bij een ‘nee’ ligt de situatie buiten de grens. Een ‘nee’ hoeft daarbij niet automatisch te betekenen dat de deelnemerIemand die onderwijs volgt binnen een instelling. Een deelnemer is in bezit van een verbintenis met een instelling voor het afnemen van onderwijsproducten. Een ander woord voor deelnemer is lerende leerling of student. de instelling moet verlaten, maar betekent dat er op dat moment voor deze deelnemerIemand die onderwijs volgt binnen een instelling. Een deelnemer is in bezit van een verbintenis met een instelling voor het afnemen van onderwijsproducten. Een ander woord voor deelnemer is lerende leerling of student. geen maatwerk wordt gemaakt.

Aspecten van invloed

De structuur van de instelling kan op veel aspecten invloed hebben. We beperken ons hier tot invloed op de volgende aspecten.

Activiteiten en beslissingen Op welk niveau worden beslissingen genomen. Waar ligt welke verantwoordelijkheid en welke mate van vrijheid heeft een actorGebruiker van het systeem in een specifieke rol of een ander systeem of technische voorziening die met het systeem communiceert. De actoren maken dus geen deel uit van het systeem maar interacteren met het systeem. Actoren zijn diegenen die gegevens met het systeem uitwisselen of diensten van het systeem betrekken.? Hoe formeel zijn processen?

Omgang met informatie Wat betekent de stuctuur voor de manier waarop met informatie wordt omgegaan. Daarbij moet gedacht worden aan zaken zoals de hoeveelheid en de formaliteit.

Oplossen van problemen en snelheid van bereiken grenzen Wie bewaakt de grenzen en hoe beweegt de deelnemerIemand die onderwijs volgt binnen een instelling. Een deelnemer is in bezit van een verbintenis met een instelling voor het afnemen van onderwijsproducten. Een ander woord voor deelnemer is lerende leerling of student. zich door de structuur.

Impact per soort structuur

Om de mogelijke effecten van een bepaalde structuur beter te ervaren is ervoor gekozen om de aspecten in onderlinge samenhang per structuur te behandelen. Daarbij gaat het dus om het effect op de instelling en niet op de deelnemerIemand die onderwijs volgt binnen een instelling. Een deelnemer is in bezit van een verbintenis met een instelling voor het afnemen van onderwijsproducten. Een ander woord voor deelnemer is lerende leerling of student. (al merkt die daar natuurlijk ook wat van). De hier gegeven voorbeelden zijn dezelfde organisaties zoals we structuur en cultuur hebben beschreven.

Organisatie 1 - Structuur 1, centraal en groot

Deze organisatie neemt centraal beslissingen. Daardoor is de verantwoordelijkheid duidelijk en gelaagd. Overzicht in alles wat gebeurt is van groot belang, vooral om zaken te optimaliseren. Niet alleen voor de inzet van middelen, maar ook om bij elke vraag van de deelnemerIemand die onderwijs volgt binnen een instelling. Een deelnemer is in bezit van een verbintenis met een instelling voor het afnemen van onderwijsproducten. Een ander woord voor deelnemer is lerende leerling of student. zo goed mogelijk te kunnen vaststellen wat de mogelijkheden zijn. De intakeOnderdeel van het proces van inschrijven met als doel te bepalen of de instelling passend onderwijs kan bieden. Dit kan inhouden dat het nodig is de leervraag van de potentiële deelnemer nader te specificeren of een assessment te doen. Dit proces gaat vooraf aan het daadwerkelijk sluiten van de verbintenis. wordt om deze reden bijvoorbeeld centraal afgenomen. Door de centrale aanpak is de afstand tussen de verschillende actoren, zowel fysiek als in proces, groter. Dat vereist een meer formele wijze van vastleggen van informatie. Dat sluit ook aan bij de gelaagdheid van verantwoordelijkheden, waarbij verantwoording van beneden naar boven loopt en besluiten van boven naar beneden. De centrale aanpak kan tot gevolg hebben dat ook in de processen zelf formeler gehandeld moet worden en dat taken meer uit elkaar getrokken zijn. Dit kan vertragend in de besluitvorming werken. Doordat er veel overzicht is en de organisatie groot is, kan echter flexibeler met middelen worden omgegaan.

Organisatie 2 - Structuur 3: volledig decentraal

Deze organisatie is georganiseerd in kleine teams die in grote mate zelfstandig zijn. Er zijn enkele algemene regels waar elk team zich aan dient te houden, maar deze laten veel ruimte voor eigen invulling over. Omdat elk team anders van samenstelling is, kan elk team de eigen grenzen vaststellen. Dit betekent dan ook dat het team verantwoordelijk is. Beslissingen worden dan ook, waar nodig, in teamverband genomen. Er is een netwerk van teams waarin men kennis kan delen. Dit is echter vrijblijvend. Wanneer grenzen worden bereikt kan het team contact zoeken met andere teams om de optie voor een overstap van een deelnemerIemand die onderwijs volgt binnen een instelling. Een deelnemer is in bezit van een verbintenis met een instelling voor het afnemen van onderwijsproducten. Een ander woord voor deelnemer is lerende leerling of student. naar een andere te bespreken. Wanneer dat gebeurt, zal een formeel overdrachtsdocument nodig zijn. In alle andere gevallen is het merendeel van de informatie binnen het team informeel. Het vastleggen van informatie is in de meeste gevallen voor de eigen administratie. De uitwisseling gebeurt op meer informele wijze en alleen bij bijzonderheden. Daarbij voelt iedereen zich verantwoordelijk voor alle deelnemers. Processen zijn zoveel mogelijk gestructureerd ingericht, maar hier kan eenvoudig van worden afgeweken. Het oplossen van problemen kan zeer snel, ook al heeft het team beperkte middelen.

Personeel

Personeel is het geheel van karakteristieken en vaardigheden van medewerkers. Medewerkers hebben competenties te bieden, in de vorm van kennis, vaardigheden, houding en gedrag. Ze kunnen daarvoor verschillende motivaties hebben, zoals beloning, werkinhoud, autonomie en ontwikkelingsmogelijkheden. Het personele proces zorgt voor de afstemming tussen wat medewerkers en de organisatie elkaar op deze gebieden bieden en vragen. In de onderdeel worden verschillende invullingen van begeleidingHet geheel aan (begeleidings)processen waarbij de begeleider op basis van leeractiviteiten gegevens uit de aanwezigheidsregistratie en andere beschikbare gegevens het leerproces van een deelnemer volgt bijstuurt en toekomstgericht advies geeft. geschetst, waarbij duidelijk wordt gemaakt wat voor eisen gesteld worden aan medewerkers.

Positie 1

De focus ligt op de kwaliteit van de opleiding en men is dan ook in sterke mate inhoudelijk vakgericht. Men is sterk geëngageerd ten aanzien van het beroep waarvoor de eindkwalificatie behaald kan worden. Buiten die wereld is er niets anders. Er is een zeer duidelijk beroepsbeeld en men heeft ervaring uit de praktijk en weet dus goed wat er speelt. Men is daardoor ook zeer goed in staat in te schatten of de deelnemerIemand die onderwijs volgt binnen een instelling. Een deelnemer is in bezit van een verbintenis met een instelling voor het afnemen van onderwijsproducten. Een ander woord voor deelnemer is lerende leerling of student. op de goede plek zit. Er is een sterke focus op het einddoel en maatregels zijn vooral gericht om de deelnemerIemand die onderwijs volgt binnen een instelling. Een deelnemer is in bezit van een verbintenis met een instelling voor het afnemen van onderwijsproducten. Een ander woord voor deelnemer is lerende leerling of student. op het pad te houden: het pad zelf kan tenslotte niet worden aangepast. De deelnemerIemand die onderwijs volgt binnen een instelling. Een deelnemer is in bezit van een verbintenis met een instelling voor het afnemen van onderwijsproducten. Een ander woord voor deelnemer is lerende leerling of student. wordt niet in de watten gelegd en vooral de prestaties tellen. Van incidenten is men niet gediend. Begeleiding is niet bij een aparte rol belegd. Expertise en enthousiasme zijn belangrijke kenmerken.

Positie 2

De opties voor leervraagVraag van een deelnemer of opdrachtgever aan een instelling waarin verwoord wordt wat men wil leren. Het formuleren van de leervraag is een activiteit van de begeleider samen met de deelnemer of opdrachtgever waarin de leervraag wordt uitgedrukt in producten uit de onderwijscatalogus (eventueel) aangevuld met additionele wensen en voorwaarden., inhoud en vorm van aanbod zijn beperkt en verlopen volgens vaste processen. Men kent de mogelijkheden binnen de instelling en moet de deelnemerIemand die onderwijs volgt binnen een instelling. Een deelnemer is in bezit van een verbintenis met een instelling voor het afnemen van onderwijsproducten. Een ander woord voor deelnemer is lerende leerling of student., daar waar nodig, bij het maken van de keuzes ondersteunen. De betrokkenen hebben globale kennis van de richting en specifieke kennis van het eigen vakgebied. In samenwerking met elkaar wordt de leervraagVraag van een deelnemer of opdrachtgever aan een instelling waarin verwoord wordt wat men wil leren. Het formuleren van de leervraag is een activiteit van de begeleider samen met de deelnemer of opdrachtgever waarin de leervraag wordt uitgedrukt in producten uit de onderwijscatalogus (eventueel) aangevuld met additionele wensen en voorwaarden. van de deelnemerIemand die onderwijs volgt binnen een instelling. Een deelnemer is in bezit van een verbintenis met een instelling voor het afnemen van onderwijsproducten. Een ander woord voor deelnemer is lerende leerling of student. duidelijk gemaakt. Deze samenwerking richt zich op het kunnen proeven aan verschillende specialisaties, maar ook op het inschatten en beoordelen welke specialisatie voor de deelnemerIemand die onderwijs volgt binnen een instelling. Een deelnemer is in bezit van een verbintenis met een instelling voor het afnemen van onderwijsproducten. Een ander woord voor deelnemer is lerende leerling of student. het beste werkt. Dat geldt ook voor het vaststellen van de inhoud en de vorm van het aanbod. Men stelt zich niet direct als coachBegeleider die leeractiviteiten begeleidt. op, maar heeft een proces ingericht waarbij de deelnemerIemand die onderwijs volgt binnen een instelling. Een deelnemer is in bezit van een verbintenis met een instelling voor het afnemen van onderwijsproducten. Een ander woord voor deelnemer is lerende leerling of student. vanzelf de trechter in gaat om tot een specialisatie te komen. Daarbij is inzicht en begrip voor de deelnemerIemand die onderwijs volgt binnen een instelling. Een deelnemer is in bezit van een verbintenis met een instelling voor het afnemen van onderwijsproducten. Een ander woord voor deelnemer is lerende leerling of student. van belang, maar dit gaat minder ver dan in positie 3. Ten aanzien van aanvullende behoefte is specifieke expertise nodig. Door de specialisatie heeft men echter standaard oplossingen beschikbaar. Men hanteert uitgebreide procedures waarbij een incident als een teken van falen wordt gezien. Men heeft veel aandacht voor de deelnemerIemand die onderwijs volgt binnen een instelling. Een deelnemer is in bezit van een verbintenis met een instelling voor het afnemen van onderwijsproducten. Een ander woord voor deelnemer is lerende leerling of student., waarbij vooral ‘met de situatie omgaan’ van belang is.

Positie 3

De focus ligt in deze positie meer op coaching en begeleidingHet geheel aan (begeleidings)processen waarbij de begeleider op basis van leeractiviteiten gegevens uit de aanwezigheidsregistratie en andere beschikbare gegevens het leerproces van een deelnemer volgt bijstuurt en toekomstgericht advies geeft. van de deelnemerIemand die onderwijs volgt binnen een instelling. Een deelnemer is in bezit van een verbintenis met een instelling voor het afnemen van onderwijsproducten. Een ander woord voor deelnemer is lerende leerling of student.. Het gaat vooral om het proces om te komen tot de keuze van de leervraagVraag van een deelnemer of opdrachtgever aan een instelling waarin verwoord wordt wat men wil leren. Het formuleren van de leervraag is een activiteit van de begeleider samen met de deelnemer of opdrachtgever waarin de leervraag wordt uitgedrukt in producten uit de onderwijscatalogus (eventueel) aangevuld met additionele wensen en voorwaarden. en een goede invulling van de inhoud en vorm van het aanbod. Men gaat op gelijkwaardig niveau met de deelnemerIemand die onderwijs volgt binnen een instelling. Een deelnemer is in bezit van een verbintenis met een instelling voor het afnemen van onderwijsproducten. Een ander woord voor deelnemer is lerende leerling of student. in gesprek. Daarbij is het wel nodig om ten aanzien van de leervraagVraag van een deelnemer of opdrachtgever aan een instelling waarin verwoord wordt wat men wil leren. Het formuleren van de leervraag is een activiteit van de begeleider samen met de deelnemer of opdrachtgever waarin de leervraag wordt uitgedrukt in producten uit de onderwijscatalogus (eventueel) aangevuld met additionele wensen en voorwaarden. naar een concreet eindpunt toe te werken. Deze coaching vereist inzicht in de deelnemerIemand die onderwijs volgt binnen een instelling. Een deelnemer is in bezit van een verbintenis met een instelling voor het afnemen van onderwijsproducten. Een ander woord voor deelnemer is lerende leerling of student. waarbij ook de houding en gedrag relevante informatie kan zijn. Het beoordelen is meer dan het geven van een cijfer. Veel aspecten van begeleidingHet geheel aan (begeleidings)processen waarbij de begeleider op basis van leeractiviteiten gegevens uit de aanwezigheidsregistratie en andere beschikbare gegevens het leerproces van een deelnemer volgt bijstuurt en toekomstgericht advies geeft. zijn een aparte rol binnen de organisatie omdat een hoge mate van expertise vereist zijn. Door de diversiteit van de deelnemers is flexibiliteit in tijd en diepgang van aanpak van groot belang. Ten aanzien van de aanvullende behoefte is men vooral pragmatisch en vooral gericht op het voorkomen, of het zo vroeg mogelijk de kop indrukken van problemen. Het doel daarbij is om de deelnemerIemand die onderwijs volgt binnen een instelling. Een deelnemer is in bezit van een verbintenis met een instelling voor het afnemen van onderwijsproducten. Een ander woord voor deelnemer is lerende leerling of student. zo snel mogelijk weer aan het ‘normale’ traject te laten deelnemen. Goede samenwerking wordt daarbij als belangrijk hulpmiddel gezien, ook bij het vinden van oplossingen.